Effect nieuwe wet wordt zichtbaar
Nu het parlement heeft ingestemd met het wetsvoorstel beëdigde tolken en vertalers (Wbtv), wordt het tijd om de strekking van dit wetsvoorstel onder ogen te brengen.
Daarmee is het moment aangebroken om de effecten van de wet nader toe te lichten en kan aan een lange periode van onzekerheid, zeker voor tolken en vertalers, langzaam een einde komen.
In deze editie van de nieuwsbrief Babylon wordt de achtergrond van de regeling uiteengezet. Daarnaast staan de belangrijkste instrumenten beschreven en wordt in grote lijnen aangegeven met welke gevolgen de in het KTV opgenomen tolken en vertalers rekening kunnen houden.
Achtergrond
Dat anderstalige rechtzoekenden of verdachten in een juridische procedure een tolk of vertaler nodig hebben om een taalbarrière te overbruggen, is op zichzelf niet nieuw.
De laatste decennia is de vraag naar tolk- en vertaaldiensten echter gestegen door onder meer de toenemende globalisering en de eenwording van Europa. Op EU-niveau werd aan het einde van het vorige millennium al vastgesteld dat met name verdachten in een rechtszaal garanties voor een goede rechtsgang moesten krijgen. Naast een transparante rechtsgang (de procedure zelf) gaat het daarbij onder andere om de beschikbaarheid van een advocaat (in ons land geregeld in de Wet op
de rechtsbijstand) en een tolk of vertaler bij anderstalige verdachten. Nederland kende op dit laatste terrein al diverse voorzieningen waarvan het door Justitie gefinancierde Tolken Vertaalcentrum Nederland (TVCN) en de eveneens door Justitie gesubsidieerde SIGVopleidingen voor gerechtstolken en juridisch vertalers de bekendste waren.
In een streven naar grotere garanties voor kwaliteit, ook voor die talen waar in Nederland geen tolk- of vertaalopleiding voorhanden was, ontwikkelde de overheid het kwaliteitsbeleid tolken en vertalers. Belangrijkste peilers daarvan waren het Kwaliteitregister Tolken en Vertalers (KTV) en de (bijscholingsmodules en) toetsen van het Kernteam Kwaliteitsbevordering Tolken en Vertalers. Ook de harmonisatie van de tarieven en de pogingen om tot een algemene branchevereniging te komen, mogen niet onvermeld blijven.
Deze initiatieven vormden echter geen eindpunt, maar veeleer noodzakelijke tussenstappen op weg naar een definitievere inrichting van het kwaliteitsbeleid. De afgelopen jaren is veel gesproken over kwaliteit van tolken en vertalers
tussen en met de betrokken belanghebbenden. Daarbij hebben allerlei scenario’s de revue gepasseerd, hetgeen voor veel betrokkenen ongetwijfeld vaak verwarrend was. De uiteindelijke richting die is gekozen, is vooral gebaseerd op het advies van de breed samengestelde commissie Kwaliteitsbeleid Tolken en Vertalers (beter bekend als de commissie Jurgens).
Register vormt kern
Met de inwerkingtreding van de wettelijke regeling, hopelijk binnen enkele maanden, worden duidelijke stappen gezet naar een definitief stelsel voor kwalitatief hoogwaardige tolken en vertalers in het Justitiedomein.
Doel van de wet is om te garanderen dat juridische procedures deugdelijk verlopen, ook als niet alle betrokken partijen de Nederlandse taal machtig zijn.
Kern van de regelgeving vormt een register met gegevens van gekwalificeerde tolken en vertalers. Aan inschrijving is voor zowel tolken als vertalers een verplichte beëdiging gekoppeld. Tolken hoeven hierdoor niet telkens per zitting opnieuw te worden beëdigd.
Evenals in de huidige situatie krijgen geregistreerde tolken en vertalers een identiteitsbewijs waarmee ze hun status
kunnen aantonen bij opdrachtgevers. Ook de aparte inschrijving per taal en per vaardigheid (tolken en vertalen) blijft gehandhaafd. Een beroepsbeoefenaar kan dus op meerdere manieren staan geregistreerd.
De inschrijving geldt vijf jaar. Daarna moeten tolken en vertalers zich opnieuw aanmelden en wordt beoordeeld of zij aan alle eisen voldoen.
Hierbij zal vooral ook worden gekeken naar de mate waarin de betrokkenen hun kennis en vaardigheden verder hebben ontwikkeld, bijvoorbeeld via bijscholing. Een ander verschil met het Ktv is dat Nederlands niet persé een van de actieve talen hoeft te zijn. Het wetsvoorstel spreekt van bron- en doeltaal.
Omdat het in principe gaat om mensen die binnen het Nederlandse justitiedomein actief zijn, ligt voor de hand dat het merendeel van de ingeschrevenen Nederlands als bron- en/of doeltaal zal hebben.
Afnameplicht
Nieuw is de afnameplicht van in de wet genoemde opdrachtgevers in het Justitiedomein. Zij moeten met andere woorden een
tolk of vertaler uit het register inhuren voor juridische procedures in het kader van straf- en vreemdelingenrecht. Alleen dan kunnen de rechten van de betrokken burgers afdoende worden gewaarborgd. Voor registertolken en –vertalers neemt hierdoor de kans op opdrachten van o.a. rechtbanken, politie en IND toe, hoewel er natuurlijk geen garanties
af zijn te geven over de hoeveelheid werk die iedere geregistreerde tolk krijgt toebedeeld.Justitie kan immers niet beïnvloeden hoeveel werk er in welke talen te verdelen valt.
Probleem kan echter wel zijn dat niet altijd een geregistreerde tolk of vertaler beschikbaar is.
Dat is ook nu al wel het geval hetzij omdat er veel vraag is naar een bepaalde vaardigheid, hetzij omdat er voor sommige talen weinig gekwalificeerde tolken en vertalers beschikbaar zijn en voor de meeste talen ook geen opleidingen voorhanden zijn. Daarnaast liggen de eisen die worden gesteld aan inschrijving in het nieuwe register, hoger dan de eisen voor met name voorlopige inschrijving in het Ktv. Het aanbod zal dus kleiner zijn.
Om te voorkomen dat procedures worden gefrustreerd doordat geen tolk of vertaler kan worden ingezet, kan een afnemer uitwijken naar een speciale lijst. Daarop kunnen tolken en vertalers staan die niet in het register kunnen komen omdat er bijvoorbeeld voor hun specifieke taal (nog) geen opleiding of toets bestaat. Ook voor inschrijving op deze lijst zullen naar verwachting basiseisen worden geformuleerd zoals bijvoorbeeld kennis van de Nederlandse taal.
De klachtenregeling en eisen voor permanente educatie zijn echter op de beroepsbeoefenaren die op deze lijst staan ingeschreven niet van toepassing en dat geldt ook voor verlenging van de inschrijving na vijf jaar. Dat zal voor
afnemers naar verwachting een extra reden zijn om eerst goed in het register te zoeken, alvorens uit te wijken naar deze lijst.
Aanvullende instrumenten
Om de kwaliteit te bewaken en te bevorderen zijn enkele aanvullende instrumenten in de wet opgenomen:
- Voor vertalers komt er een kwaliteitsstandaard waaraan opdrachtgevers de kwaliteit van het geleverde werk kunnen afmeten.
- Er wordt een landelijke Klachtencommissie ingericht die klachten behandelt en kan adviseren over maatregelen naar aanleiding van een gegrond verklaarde klacht.
- Uitschrijvingen naar aanleiding van klachten worden gepubliceerd in de Staatscourant en bijgehouden in een apart register. Hiermee wordt voorkomen dat een tolk of vertaler die bij een afnemer onder de maat functioneert en
niet meer mag worden ingezet, elders in het Justitiedomein aan het werk gaat.
- De mogelijkheid bestaat om aanvullende competenties te vermelden. Dat zijn feitelijk specialisaties die voor opdrachtgevers belangrijk kunnen zijn.
Register
Zoals gezegd vormt het register de kern van het nieuwe wettelijke kwaliteitsbeleid.
Inschrijving is vergelijkbaar met, maar niet hetzelfde als registratie in het Ktv.
Het register zal in elk geval via een internettoepassing te raadplegen zijn.
Afnemers binnen het Justitiedomein zullen via een beveiligde toegang uitgebreide gegevens en zoekmogelijkheden kunnen gebruiken.
Openbaar register
Een deel van de informatie uit het register wordt openbaar zodat ook andere juridische opdrachtgevers (advocaten, notarissen, deurwaarders) kunnen kiezen voor een beroepsbeoefenaar met aantoonbare kwaliteit.
Tolken en vertalers krijgen tot op zekere hoogte keuze met betrekking tot de gegevens die zij wel en niet openbaar willen maken.
De uitwijklijst en het register met geschrapte tolken en vertalers zullen eveneens openbaar zijn.
Gevolgen voor inschrijving
Voor tolken en vertalers is natuurlijk vooral van belang te weten welke gevolgen de inwerkingtreding van de wet heeft voor hun inschrijving. Daarover zijn in elk geval enkele algemene opmerkingen te maken:
De wet kent een speciale overgangsregeling waarvan tolken en vertalers twee jaar lang gebruik kunnen maken. Als gevolg daarvan kunnen alle huidige definitieve inschrijvingen in het Ktv worden omgezet in inschrijving in het wettelijk register. Ook voorlopige inschrijvingen van beëdigde vertalers kunnen automatisch tot registratie leiden.
Voorzover dat nog niet gebeurd is, moeten alle tolken en vertalers die onder de overgangsregeling vallen, zich laten beëdigen.
De overgangsregeling bepaalt dat automatische inschrijving geldt voor vijf jaar.
Competenties
De overige Ktv’ers en nieuwe kandidaten
moeten direct al aantonen aan de eisen van de
wet te voldoen om tot inschrijving te komen.
Daartoe onderscheidt de wet verschillende
competenties en enkele administratieve
criteria.
De competenties zijn:
- kennis van de bron- en doeltaal
- kennis cultuur van het land of de regio van
de bron- en doeltaal
- tolk- of vertaalvaardigheden
- tolk- of vertaalattitude
- integriteit.
De exacte criteria voor inschrijving worden
geregeld bij Algemene Maatregel van Bestuur
(AMvB). Een conceptversie van dit besluit
beëdigde tolken en vertalers is op 18 december
2007 ter consultatie aangeboden aan een aantal
belanghebbenden. Zodra de tekst definitief is,
zullen wij opnieuw langs deze weg ingaan op
de inhoud en op hoofdlijnen de gevolgen voor
Ktv-tolken en -vertalers schetsen.
De administratieve criteria voor diegenen
die niet onder de overgangsregeling vallen,
betreffen het opsturen van een modelinschrijvingsformulier
met benodigde bijlagen,
het aanleveren van een recente Verklaring
omtrent gedrag (Vog) en het betalen van leges.
De wet stelt dat een verzoek tot inschrijving
pas wordt behandeld nadat deze leges zijn
voldaan.
De eerdergenoemde AMvB bevat meer details
over de inschrijving.
Volledigheidshalve heeft zij nog opgemerkt dat
in sommige gevallen een buitenlandse versie
van de Vog nodig is en dat tolken en vertalers
die onder curatele staan of vreemdelingen
zonder verblijfstatus, niet kunnen worden
ingeschreven.
Geen diskwalificatie
Waar voor een aantal tolken en vertalers
de kansen op werk in het justitiedomein
stijgt, is dat voor een deel van de huidige
Ktv’ers niet het geval. En dat terwijl een aantal
van hen in het verleden wél is ingezet door
opdrachtgevers binnen het Justitiedomein.
Dit zal ongetwijfeld niet voor iedereen
gemakkelijk te begrijpen en te accepteren zijn.
Zeker daar die beslissing gevolgen kan hebben
voor de broodwinning van mensen. Het feit
dat deze tolken en vertalers niet direct worden
ingeschreven is echter geen diskwalificatie.
Er is met andere woorden niet mee gezegd
dat ze slecht zijn, alleen dat hun kwaliteit
niet objectief vastgesteld kan worden. In het
belang van de rechtzoekende of verdachte
stelt de Europese Unie juist wel de eis dat de
kwaliteit aantoonbaar moet zijn.
Kwaliteitsinstituut
Duidelijk moge ook zijn dat juist met het oog
op de belangen van burgers Justitie er belang
bij heeft dat er voldoende gekwalificeerde
tolken en vertalers beschikbaar zijn. De
wettelijke bepalingen of andere factoren
kunnen belemmeringen vormen voor de
beschikbaarheid van voldoende gekwalificeerde
beroepsbeoefenaren. Mede met het oog daarop
wil het ministerie een Kwaliteitsinstituut Tolken
en Vertalers oprichten dat moet adviseren bij
de invoering van de wet en daarna initiatieven
moet ontplooien om de kwaliteit van de
beroepsgroep verder te ontwikkelen. Daarbij
gaat het erom te bepalen wat die kwaliteit
precies inhoudt, hoe die kan worden gemeten,
maar ook hoe die kan worden bevorderd.
Denkbaar is dat het instituut het reguliere
onderwijs gaat stimuleren om in te spelen op
de vraag naar basis- en bijscholing van tolken
en vertalers. Daarmee gloort er op termijn
ook perspectief voor tolken en vertalers die
na inwerkingtreding van de wet niet meteen
in het register kunnen worden opgenomen.
Vervolg
De komende tijd zal de inwerkingtreding van
de wet verder worden voorbereid. U wordt
hierover uitvoerig geïnformeerd.
Daarbij zal ook zo snel mogelijk
duidelijkheid worden gegeven aan alle
Ktv’ers met betrekking tot de gevolgen van
de inwerkingtreding van de wet voor hun
inschrijving. Dat kan echter pas zodra de
tekst van de AMvB hierover is vastgesteld.
Zodra er duidelijke toetsingscriteria zijn voor
de wettelijke competenties, kan de Raad gaan
inschatten welke voorlopig ingeschreven
tolken en vertalers alsnog in het nieuwe
register kunnen worden opgenomen en
welke in aanmerking komen voor registratie
op de uitwijklijst. Iedere tolk of vertaler krijgt
dan per brief te horen hoe de prognose voor
hun status na inwerkingtreding van de wet
eruit ziet. Zij hoeven dus in dit stadium zelf
geen initiatieven te nemen met betrekking
tot hun inschrijving. Uiteraard krijgen ze
daarna volop gelegenheid aanvullende
informatie aan te leveren voordat de Raad
een definitief standpunt inneemt. Dit alles
zal zoveel mogelijk voorafgaand aan de
inwerkingtreding van de wet plaatsvinden.
In hoeverre dat gaat lukken, hangt af van de
totstandkoming van toetsingscriteria en het
tijdstip waarop de wet in werking zal treden.
Het gaat bovendien om enkele duizenden
inschrijvingen, die allemaal recht hebben op
een zorgvuldige behandeling.
Tegen de uiteindelijke besluiten over
inschrijving kunnen de tolken en vertalers
bezwaar maken conform de algemene Wet
bestuursrecht. Zijn zij het niet eens met
de uitkomst van de bezwaarprocedure, dan
is beroep bij de rechtbank nog mogelijk.
Het nemen van formele besluiten over
inschrijving, bezwaar en beroep daartegen,
zijn echter pas mogelijk nadat de wet in
werking is getreden.
De definitieve wettekst is te vinden op de Ktvsite
(in de Bibliotheek onder Wet beëdigde
tolken en vertalers) en op www.overheid.nl
onder dossiernummer 29936.
Kwaliteitsinstituut (bijna) in oprichting
Rond de inwerkingtreding van de Wbtv zal een
Kwaliteitsinstituut Tolken en Vertalers worden
opgericht, zo liet de minister van Justitie
tijdens de parlementaire behandeling van
het wetsvoorstel weten. Dit instituut moet de
verdere ontwikkeling van het kwaliteitsbeleid
voor tolken en vertalers ondersteunen.
Daarbij kan het bijvoorbeeld helpen bij de
uitwerking van aanvullende bekwaamheden
en (toetsings)criteria van de wettelijke
basiscompetenties, of de gegevens die in
het register worden opgenomen, adviseren
over aanvullende kwaliteitsinstrumenten,
maar ook relevante activiteiten van derden
(onderzoek, opleidingen) stimuleren.
Vooralsnog is het voornemen om het
instituut de vorm te geven van een breed
samengestelde adviescommissie en een
ondersteunend apparaat (Raad voor
Rechtsbijstand).
In de kaderbrief 2008 heeft het ministerie
van Justitie de Raad gevraagd mee te denken
over de verdere opzet en inrichting van
het instituut en daarbij ook alvast enige
richting gegeven. Zo zullen naar verwachting
leden worden benoemd uit de kring van
de opdrachtgevers met een wettelijke
afnameplicht, de beroepsgroepen van tolken
en vertalers en het onderwijs. Bovendien
moeten kandidaten in staat zijn om draagvlak
te creëren voor het idee dat aanbieders,
afnemers en onderwijs een gezamenlijke
verantwoordelijkheid hebben voor het borgen
en verbeteren van de kwaliteit.
De Raad heeft aan het departement
voorgesteld om het instituut op korte termijn
op te richten zodat de betrokken partijen
al bij de invoering van de Wbtv hun kennis
ter beschikking kunnen stellen bij diverse
onderwerpen. Daartoe heeft hij ook al diverse
items benoemd waar het Kwaliteitsinstituut
voor geraadpleegd kan worden.
Het ministerie lijkt positief te staan tegenover
deze suggestie. Naar verwachting zal het
Kwaliteitsinstituut in het voorjaar van 2008
definitief vorm krijgen.