| |
Directie Toegang Rechtsbestel
Nr. 5259330 De Minister van Justitie,
Overwegende, dat door politie en openbaar ministerie bij de opsporing
en vervolging van strafbare feiten in toenemende mate gebruik
wordt gemaakt van tolken en vertalers;
Dat het recht van de verdachte op bijstand van een bekwame tolk
en een betrouwbare vertaling van belangrijke documenten een fundamenteel
recht is;
Dat voor een goed verloop van de asielprocedure borging van
de kwaliteit van ingeschakelde tolken en vertalers van belang
is;
Dat voor de beroepen van gerechtstolk en –vertaler thans
geen gemeenschappelijke normen inzake opleiding en training en
eisen voor registratie of erkenning zijn vastgesteld;
Dat derhalve in de praktijk door de politie, openbaar ministerie
en gerechten bij de inzet van tolken en vertalers verschillende
(minimum) kwaliteitseisen worden gehanteerd;
Dat het gewenst is de kwaliteitseisen voor de inzet van tolken
en –vertalers binnen het justitiële domein (verder)
te ontwikkelen om een kwalitatief goede dienstverlening te kunnen
waarborgen en dat met het oog op komende regelgeving bij betrokken
actoren behoefte is aan een gemeenschappelijke visie in dit kader;
B E S L U I T :
Artikel 1.
1. In te stellen een commissie Kwaliteitseisen tolken en vertalers.
2. De commissie heeft tot taak te onderzoeken welke minimumeisen
(competenties) inzake kennis, vaardigheden en attitude aan tolken
en vertalers moeten worden gesteld. De commissie oriënteert
zich daarbij op:
·
Bestaande regelingen gericht op kwaliteitsbevordering van tolk-
en vertaaldiensten bij de gerechten en de Immigratie- en naturalisatiedienst;
·
De in het kader van het Grotius-programma van de Europese Commissie
geformuleerde aanbevelingen inzake de selectie, opleiding, beoordeling
en erkenning van gerechtstolken en –vertalers;
·
Het door de Stichting instituut voor gerechtstolken en -vertalers
(SIGV) en het Kernteam kwaliteitsnormering tolken en vertalers
ontwikkelde opleidingsaanbod;
·
De kwaliteitseisen die worden gesteld in de Wet op de beëdigde
vertalers.
·
De kwaliteitszorg binnen de branchevereniging van tolken en vertalers.
3. De commissie doet aanbevelingen ten aanzien dat het gewenste
systeem van een kwaliteitsborging binnen het justitiële
domein. Een essentieel element daarbij betreft de vorming van
een kwaliteitsinstituut tolken en vertalers wat is belast met:
·
De instandhouding van een landelijk werkend openbaar kwaliteitsregister
voor tolken en vertalers (toelaten en schrappen);
·
Het onderhouden van een stelsel van selectie en toelating tot
het register van tolken en vertalers die op grond van het feit
dat hun taal in Nederland slechts in beperkt wordt gesproken
niet (volledig) aan de reguliere certificeringeisen (kunnen)
voldoen;
·
De instandhouding van een klachtenregeling, waarop een ieder
die een klacht heeft over de gedraging van een tolk of vertaler,
een beroep kan doen;
·
Het onderhouden van een stelsel van visitatie met het oog op
kwaliteitsborging.
Artikel 2.
In de commissie hebben zitting:
a. lid, tevens voorzitter:
- mr. A.J.W.M. Jurgens, oud-president van het Gerechtshof Den
Bosch;
b. als leden:
- mw. P.A.L. Bosscha Erdbrink-Kuijpers, tolk en vertaalster,
op voordracht van de Branchevereniging tolken en vertalers in
oprichting;
drs. R. van Deemter, als medewerker verbonden aan de Faculteit
der Letteren van de Universiteit Leiden, tevens lid van Kernteam
kwaliteitsnormering tolken en vertalers;
C.J. van Dijk, directeur Project tolken en vertalers van het
ministerie van Justitie;
- mw. mr. C.M.T. Eradus, president van de rechtbank Amsterdam;
- mr. J.K. Goet, directeur politie van het ministerie van Binnenlandse
Zaken en Koninkrijksrelaties;
- mr. J. Groen, advocaat te Den Haag;
- drs. J.H.M. von den Hoff, beleidsmedewerker bij de Raad voor
rechtsbijstand Den Bosch en beheerder van het Kwaliteitsregister
tolken en vertalers;
mw. mr. M. Koers-Van der Linden, advocaat-generaal ressortparket
te Amsterdam;
mr. A Krikke, vice-president bij het Gerechtshof te Amsterdam.
Tevens voorzitter van de Stichting instituut voor gerechtstolken
en –vertalers;
- A. Kruyt, secretaris Stuurgroep Branchevereniging tolken en
vertalers in oprichting;
- Mw. drs. L.H. Punt-Heyning vertaalster, op voordracht van de
Branchevereniging tolken en vertalers in oprichting;
- drs. G. Versluis, plaatsvervangend hoofddirecteur van de Immigratie-
en naturalisatiedienst;
- mr. H.C.S. Warendorf, advocaat en vertaler te Amsterdam; c. lid tevens (adjunct) secretaris:
- mw. drs. L.A. Roelofs, vanuit de Directie toegang rechtsbestel
van het ministerie van Justitie werkzaam in het Project Tolken
en Vertalers;
- mw. mr. W.M. Garnier, vanuit de Directie toegang rechtsbestel
van het ministerie van Justitie werkzaam in het Project Tolken
en Vertalers.
Artikel 3.
De commissie zal voor 1 november 2004 haar rapport uitbrengen.
Artikel 4.
De leden van de Commissie Kwaliteitseisen tolken en –vertalers
ontvangen vacatiegelden op basis van het Vacatiegeldenbesluit
1988 en de daarop voor het ministerie van Justitie geldende bepalingen,
waarbij de Commissie als ‘zwaar’ in de zin van het
Vacatiegeldenbesluit 1988 wordt aangemerkt. Daarnaast hebben
zij recht op vergoeding wegens reis- en verblijfkosten overeenkomstig
het Reisbesluit binnenland.
Dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant.
Den Haag, 17 december 2003.
De Minister voornoemd,
|
|